Vormingsweekend intal 2013: het verslag in woord en beeld

70 deelnemers verdiepen zich 2 dagen in vrijhandel

Johnny, Mohammed van Ford en Frederic van Arcellor Mittal (foto: intal)

Vrijhandel, vrij voor wie? Met deze vraag voert intal campagne tegen de vrijhandelsakkoorden die de EU met Colombia en Peru wil aangaan. Geen gemakkelijk onderwerp, en in tijden van economische crisis is de link met de situatie hier in België eens zo belangrijk. De vragen zijn er, nu nog antwoorden. Pen, papier, een intal-infomapje en koffie of thee: laat het intal-vormingsweekend maar beginnen!


DAG 1

Wat is vrijhandel?

Samen met Veronique Coteur (intal) kijken we naar een filmpje dat aan de hand van een voorbeeld uitlegt wat vrijhandel is. Als Europa zijn overschot aan kippen kan ruilen met Afrika's overtollige vis, is dan niet iedereen gelukkig? Niet dus. Het vrijhandelsakkoord laat eveneens toe dat Europese schepen in Afrikaanse wateren vissen. Daar betalen zij een vergoeding voor, maar die is minimaal vergeleken met de geboekte winst bij verkoop voor export eens de vis is aangekomen in Europa. De Europese uitvoer van kippen wordt onderhouden door subsidies, die dumpingprijzen op de Afrikaanse markt mogelijk maken. Hierdoor zit de Afrikaanse kippenkweker al snel zonder werk en dus ook zonder geld.

Op reis naar de Filippijnen, Argentinië en Centraal-Amerika

Jennifer is net terug van enkele maanden stage bij IBON, een Filippijnse think-tank en partnerorganisatie van G3W. Ze heeft er onderzoek gedaan naar de privatisering van gezondheidszorg, onder andere door Private Partnership Agreements. De Filippijnen is ook gesprekken gestart voor een vrijhandelsakkoord met Europa. René (intal lid) neemt ons daarna mee naar Argentinië.

Creëert vrijhandel dan geen jobs in het Noorden?

Dat is één van de stellingen van voorstanders van vrijhandel die we bespreken met Danny Claes (G3W). De logica achter dit argument is éénvoudig: wanneer bedrijven bij ons toegang krijgen tot nieuwe markten, kunnen ze meer produceren en vervolgens exporteren. Hierbij ziet men echter een aantal belangrijke dingen over het hoofd.

Vrijhandel betekent vooral concurrentie voor markten, tussen landen en tussen ondernemingen. Wie sluit met wie een vrijhandelsakkoord af? Wanneer een bedrijf competitief wil zijn, zal het in de eerste plaats zijn kosten naar beneden moeten halen. Dit vertaalt zich in lagere lonen, minder mensen in dienst en hogere productiviteit. Voorbeelden hoeven we niet ver te gaan zoeken, denk maar aan de sociale ravage door het Duits “exportmirakel”.

Wat staat er nu juist in die vrijhandelsakkoorden?

Marc Maes (11.11.11) geeft ons een woordje uitleg.
Voor het grootste gedeelte gaan vrijhandelsakkoorden over goederen. Wanneer twee partijen hun markten aan elkaar openstellen, wil dat zeggen dat ze hun invoertaksen voor elkaar sterk verlagen. Voor een ontwikkelingsland betekent dit echter een grote hap uit de staatsinkomsten, daar waar zij niets winnen uit informele handel op de straat. Van Zuid naar Noord wordt de toevoer van bepaalde producten bemoeilijkt door zeer strenge technische en sanitaire normen.

Op de dag van vandaag bevatten vrijhandelsakkoorden eveneens een luik over diensten zoals toerisme, de bankensector, boekhouding, reclame, cultuur, gezondheid, onderwijs, water, enzovoort. Het spreekt voor zich dat het gevaarlijk wordt wanneer men deze dingen als economische producten ziet. Het akkoord laat toe aan bijvoorbeeld banken om zich over de grens te vestigen en beschrijft eveneens alle voorwaarden hieraan verbonden. Daarbij is inbegrepen dat de plaatselijke overheid geen restricties mag opleggen aan het soort financiële producten dat de bank mag verkopen. Vrijheid aan de rommelkredieten met andere woorden!

En dan is er nog de geschillenregeling. Wat als een regering na verloop van tijd wil afzien van een verbintenis in een vrijhandelsakkoord omdat ze er de nadelen van inzien? In dat geval moet een arbitrage van 3 personen bij meerderheid beslissen over de eventuele sancties. Op die manier heeft Europa gedurende jaren milliondollarboetes betaald om de Amerikaanse hormonenbiefstukken te kunnen buiten houden.

DAG 2

Na een welverdiende nachtrust, waarin de informatie en debatten van zaterdag wat konden bezinken, stonden we om 9 uur weer paraat. We werden voorzien van een uitgebreid ontbijt waar de koffie rijkelijk vloeide en er reeds enkele discussies op gang kwamen.

Zijn er ook alternatieven?

In de eerste sessie van de dag namen we een alternatieve manier van handel voeren onder de loep, namelijk de samenwerking tussen enkele Zuid - en Centraal - Amerikaanse landen, beter gekend als ‘ALBA’. Ook deze handelsstructuur staat economische specialisatie voor, promoot investeringen tussen landen onderling en is er op gericht handelsbarrières te verminderen. Binnen ALBA wordt er echter, in tegenstelling tot de traditionele vrijhandelsakkoorden, een gedifferentieerde behandeling toegepast afhankelijk van de ontwikkeling van elk individueel land. Verder wordt deze samenwerking gekoppeld aan een sociaal noodfonds en aan belangrijke sociale projecten, zoals alfabetiseringscampagnes, medische bijstand, lage interest leningen, fair trade, etc. Een zeer belangrijk contrast met de traditionele vrijhandelsstructuren, is een officiële rol voor de sociale bewegingen via een ‘Social Mouvement Council’. Hoewel Hugo Chavez en de Venezuelaanse olie een essentiële rol spelen in dit samenwerkingsverband, is de ALBA de voorbije 10 jaar uitgegroeid tot een sterke samenwerking die verschillende sectoren en een groot aantal landen omvat.

En in België?

Daarna was het tijd om de confrontatie aan te gaan met de gevolgen van internationale vrijhandel in België. Johnny en Mohammed, arbeiders van Ford Genk, kwamen ons hun ervaring delen. Een zeer aangrijpend verhaal over de strijd van arbeiders om te mogen blijven werken, leidde tot een belangrijke conclusie: solidariteit tussen alle werknemers is essentieel. Slechts indien alle werknemers zich solidair opstellen en zich er tegen verzetten dat grote multinationals afdelingen en landen tegen elkaar uitspelen, kan er weerstand worden geboden.

Solidariteit, in België en internationaal!

In de namiddag kwam ook Frederic Gillot spreken over diens ervaring met Arcellor Mittal. Het belang van solidariteit werd opnieuw benadrukt, maar de macht van de multinationals in deze geglobaliseerde economie, die zich al te graag beroepen op hun ‘concurrentiepositie’ om lonen te bevriezen en werknemers te ontslaan, werd ook erkend. Het is dan ook de taak van de overheid om de werknemers hiertegen te beschermen. Wanneer degelijke bedrijven worden aangetrokken en van talloze voordelen en subsidies genieten, is het de taak van de overheid om afdwingbare voorwaarden in verband met werkzekerheid op te leggen. De solidariteit tussen werknemers moet worden aangevuld door een overheid die niet slechts solidair is met de bedrijfswereld, maar de belangen van de werknemer verdedigt.

Een volkstribunaal over vrijhandel

Als afsluiter werd er een volkstribunaal georganiseerd waarbij de argumenten pro en contra vrijhandelsakkoorden tegenover elkaar werden gezet. Een geanimeerde discussie kwam op gang en de nodige kritische bemerkingen werden, ook vanuit het publiek, afgevuurd. Bij de eindstemming werd er door een overgrote meerderheid van het publiek tegen de vrijhandelsakkoorden gestemd.

Met deze laatste discussies in ons achterhoofd, konden we weer huiswaarts keren. Niet alleen had iedereen veel informatie ontvangen en keerden we terug met meters stof tot nadenken, het weekend was ook een ideale gelegenheid om de leden van andere intal groepen beter te leren kennen.

Foto's: intal

Meer informatie over de campagne vrijhandel vind je op de campagnepagina.

De presentaties zitten onderaan in bijlage.


BijlageSize
argentina-20130223.pdf5.92 MB
PPPs_Phils_Jennifer_NL.ppt3.23 MB
powerpoint_alba.ppt683.5 KB
No votes yet